• Overmatige schuldenlast ontstaat doorgaans door een opeenstapeling van kwetsbaarheden, ingrijpende gebeurtenissen en het uitblijven van tijdige hulp.
  • Preventie moet zich volgens Belgisch onderzoek ook richten op risicomomenten, zoals een scheiding, baanverlies of de eerste betalingsachterstanden.
  • De federale campagne ‘Stop schulden’ koppelt bewustwording aan concrete doorverwijzingen naar hulp.

Schuldenproblemen ontstaan zelden door één gebeurtenis of verkeerde beslissing. Vaak gaat het om een combinatie van beperkte financiële ruimte, een ingrijpende verandering en ondersteuning die te laat komt. Dat blijkt uit een verkennend onderzoek van het Observatorium Krediet en Schuldenlast in opdracht van de Belgische FOD Economie.

De publicatie valt samen met de start van de federale preventiecampagne ‘Stop schulden’ op 16 september 2026. Het onderzoek brengt zowel het ontstaan van schuldenproblemen als de werking van preventievoorzieningen in kaart.

Van financiële kwetsbaarheid naar betalingsachterstanden

De onderzoekers beschrijven een traject in drie fasen. Eerst beperken bestaande kwetsbaarheden de financiële bewegingsruimte, bijvoorbeeld een ontoereikend inkomen, onzeker werk of hoge vaste lasten. Vervolgens kan een scheiding, ziekte, baanverlies of onverwachte grote uitgave de situatie ontregelen.

Daarna kunnen uitgestelde betalingen, de eerste achterstanden en het gebruik van krediet de problemen verder vergroten. Hoe het traject verloopt, hangt mede af van de beschikbare middelen en het moment waarop iemand hulp krijgt.

“Schuldoverlast is meestal het resultaat van een opeenstapeling van omstandigheden, niet van één verkeerde beslissing”, zegt Lien Meurisse, woordvoerster van de FOD Economie.

Preventie richten op risicomomenten

Het onderzoek pleit ervoor preventie niet alleen op risicogroepen te richten, maar ook op momenten waarop financiële kwetsbaarheid kan ontstaan of toenemen. Naast ziekte, scheiding en baanverlies gaat het bijvoorbeeld om de stap naar financiële zelfstandigheid, de geboorte van een kind, de aankoop van een eerste woning of de start van een onderneming.

Ook de eerste betalingsachterstanden en het gebruik van krediet voor dagelijkse uitgaven zijn belangrijke signalen. Juist dan kan snelle toegang tot praktische ondersteuning helpen voorkomen dat een tijdelijk tekort uitgroeit tot een langdurig schuldenprobleem.

Meer kennis leidt niet vanzelf tot ander gedrag

Uit de evaluatie van preventievoorzieningen blijkt dat interventies vooral de kennis en intenties van deelnemers beïnvloeden. Blijvende gedragsverandering is minder vanzelfsprekend. Mensen kunnen adviezen begrijpen en willen toepassen, maar daar door geldgebrek, sociale omstandigheden of taalproblemen niet toe in staat zijn.

De onderzoekers wijzen op tekortkomingen zoals eenmalige of te korte interventies, onvoldoende aansluiting bij de behoeften van deelnemers en een gebrek aan praktische opvolging. Informatie moet daarom samengaan met begeleiding die aansluit bij wat iemand daadwerkelijk kan doen.

Preventie, invordering en schuldbemiddeling moeten aansluiten

Volgens het onderzoek vormen preventie, invordering en schuldbemiddeling samen één aanpak van overmatige schuldenlast. Vroegtijdig ingrijpen, het beperken van oplopende kosten en redelijke incassopraktijken moeten samengaan met toegankelijke bemiddeling en begeleiding, zoals budgetbeheer.

Daarmee is ook de reactie op een eerste betalingsachterstand van belang. Wanneer kosten zich opstapelen terwijl passende hulp uitblijft, kan de financiële ruimte om de oorspronkelijke rekening te betalen verder afnemen. Tijdige doorverwijzing en een oplossing die aansluit bij de beschikbare betalingsruimte kunnen die ontwikkeling helpen doorbreken.

‘Stop schulden’ verwijst naar concrete hulp

De campagne Stop schulden wil mensen helpen financiële problemen eerder te herkennen, schuldgevoelens te verminderen en de stap naar hulp te zetten. De voorlichting wordt daarom gekoppeld aan concrete verwijzingen naar hulpverleners en ondersteunende instrumenten.

De campagne is een initiatief van de Belgische federale overheid en is ontwikkeld door vier organisaties met ervaring in armoedebestrijding en schuldenproblematiek. De FOD Economie en de POD Maatschappelijke Integratie ondersteunen het project.

Bron: FOD Economie